Sport krijgt eindelijk een plek op de kaart
Een grote meerderheid van de Tweede Kamer heeft ingestemd met een motie die sport, bewegen en spelen verankert in de uitvoeringsagenda van de Nota Ruimte. Voor de sportsector is dit een historische stap: voor het eerst wordt sport formeel onderdeel van hoe Nederland zijn leefomgeving inricht.
Tot nu toe werd sport bij ruimtelijke plannen vaak als laatste bedacht, of helemaal vergeten. Dat gaat veranderen. Gemeenten worden straks gestimuleerd om bij de inrichting van steden, dorpen en wijken rekening te houden met sport- en beweegruimte. Daarvoor komen concrete richtlijnen, die nu worden opgesteld. Een belangrijke ontwikkeling, want de ruimte voor sport staat in Nederland enorm onder druk.
Structurele plek in ruimtelijk beleid
De sportsector pleit al jaren voor een structurele plek in het landelijke beleid voor ruimtelijke ordening en leefbaarheid. De boodschap is helder: wie leefbare wijken wil bouwen, moet vanaf het begin ruimte maken voor sport en bewegen. Alleen zo wordt voorkomen dat sportvoorzieningen opnieuw sneuvelen bij ruimtelijke keuzes. Met deze motie is dat argument eindelijk politiek erkend. Voor sportaanbieders betekent dit dat gemeenten straks beter kunnen sturen op voldoende en bereikbare accommodaties.
“Dit is een belangrijke doorbraak: sport staat eindelijk op de kaart. De behoefte aan sport- en beweegcapaciteit is enorm. Bij sportverenigingen, maar zeker ook bij de professionele sportaanbieders die dagelijks mensen in beweging brengen. Nu de politiek dit erkent, kunnen we die ruimte ook echt gaan opeisen.”
Lodewijk Klootwijk, directeur-bestuurder POS
Vierkante meters voor sport
Dit is een eerste stap, geen eindpunt. POS blijft zich, samen met de partners in de sport- en beweegsector, hard maken voor beleid dat sportaanbieders de ruimte geeft die ze nodig hebben. Want de waarde van sport bewijs je niet met woorden, maar met vierkante meters.