Two young athletes collaborating to lift weights in a vibrant gym setting with mural art.

Prinsjesdag 2026: ambities voor preventie, maar sport blijft onderbelicht 

Preventie moet veel belangrijker worden en kinderen en jongeren verdienen speciale aandacht op weg naar de gezondste generatie ooit. Die boodschap uit de Troonrede onderschrijft POS van harte. Tegelijkertijd valt op dat sport in de plannen nauwelijks expliciet worden genoemd, terwijl dat juist dagelijks miljoenen mensen in beweging brengt. 

Preventie krijgt een prominente plek 

In de Troonrede wordt preventie nadrukkelijk gekoppeld aan de toekomst van de zorg. Meer aandacht voor gezondheid moet eraan bijdragen dat een zorgvraag niet altijd direct een medisch antwoord nodig heeft. Ook spreekt het kabinet opnieuw de ambitie uit om te werken aan de gezondste generatie ooit. Dat is een belangrijke erkenning. Sport en bewegen dragen niet alleen bij aan de fysieke gezondheid, maar ook aan mentale veerkracht, sociale verbinding en participatie.  Ondernemende sportaanbieders kunnen mensen bereiken voordat gezondheidsproblemen ontstaan die medische of structurele zorg vereisen. Ook begeleiden zij mensen die vanuit zorg en welzijn weer in beweging willen komen. In de financiële uitwerking krijgt preventie echter nog sterk een medisch karakter. Juist in kwetsbare wijken kunnen laagdrempelig sporten en bewegen hierop een waardevolle aanvulling zijn en bijdragen aan een brede, duurzame aanpak van gezondheidsachterstanden en het verkleinen van kansenongelijkheid. Preventie is meer dan het voorkomen van ziekte via medische interventies. Structureel sporten en bewegen moet een volwaardig onderdeel zijn van het preventiebeleid. 

Extra middelen voor sport en bewegen 

Het kabinet investeert extra in sport, lokale samenwerking en toegankelijke sportvoorzieningen. POS juicht dat toe. Tegelijkertijd gaan veel middelen naar gemeenten en niet-commerciële organisaties. Ondernemende sportaanbieders komen voor veel regelingen niet in aanmerking. Daardoor blijft een belangrijk deel van de sportinfrastructuur buiten beeld, net als de vele mensen die daar sporten of dat zouden willen doen. Een gezonde generatie vraagt om samenwerking met álle sportaanbieders. Ondernemende sportaanbieders bieden professionele begeleiding, vernieuwende concepten e vaak midden in wijken en buurten. Veel van hen werken al samen met gemeenten, zorg, welzijn, onderwijs en werkgevers. Om preventie en de gezondste generatie dichterbij te brengen, moet deze infrastructuur beter worden benut. Maak landelijke en lokale programma’s en regelingen toegankelijk voor alle sportaanbieders en betrek de volledige lokale sportsector bij de uitvoering. De maatschappelijke impact van sport zou leidend moeten zijn, niet de rechtsvorm van de aanbieder 

Ondernemerschap: minder regels, maar ook minder fiscale ondersteuning 

Het kabinet belooft minder regels en meer ruimte om te ondernemen. Ook moet een nieuwe zelfstandigenwet duidelijkheid geven over de inzet van zzp’ers. Dat is hard nodig: sportaanbieders lopen aan tegen hoge administratieve lasten en onzekerheid. Tegelijkertijd wordt de fiscale ondersteuning voor ondernemers verder afgebouwd. POS pleit daarom voor heldere, uitvoerbare regels. 

Van ambitie naar uitvoering 

De Troonrede en de begroting voor 2027 bevatten belangrijke aanknopingspunten. Preventie krijgt politieke urgentie, de gezondste generatie blijft een centrale ambitie en er komt extra geld voor sport en bewegen. De volgende stap is ervoor zorgen dat die ambities ook daadwerkelijk leiden tot meer mensen die gaan én blijven sporten. Dat lukt alleen wanneer de overheid gebruikmaakt van de volledige sportinfrastructuur van Nederland. Ondernemende sportaanbieders staan klaar om hun bijdrage te leveren. Niet alleen als uitvoerder van losse activiteiten, maar als structurele partner binnen preventie, zorg, welzijn en lokaal gezondheidsbeleid. POS gaat daarover graag met landelijke, regionale en lokale partners in gesprek.